PROPYLENE GLYCOL DRINKS - Bepaling van propyleenglycolgehaltes in levensmiddelen en blootstellingsevaluatie voor de Belgische bevolking

Last updated on 28-4-2021 by Lieke Vervoort
december 1, 2019
januari 22, 2021

Diensten die aan dit project werken

Projectonderzoekers van Sciensano

In het kort

Propaan-1,2-diol, beter bekend als propyleenglycol (E1520), is een levensmiddelenadditief dat aanwezig kan zijn in gearomatiseerde dranken zoals sap, nectar, ijsthee, cola, sport- en energiedranken, gearomatiseerde melkdranken en melkanalogen (bv. sojadranken). Het is toegestaan als draagstof* in kleurstoffen, emulgatoren, antioxidanten, enzymen, aroma’s en voedingsstoffen. Omdat E1520 niet rechtstreeks aan levensmiddelen mag worden toegevoegd, is het niet verplicht de aanwezigheid ervan op het etiket te vermelden.

In dit project controleert Sciensano de niveaus van E1520 in niet-alcoholische dranken, evenals hun bijdrage aan de totale blootstelling van de Belgische bevolking.

*Een draagstof is een stof die wordt gebruikt om een levensmiddelenadditief of een aroma, voedingsenzym, voedingsstof en/of andere stof die voor nutritionele of fysiologische doeleinden wordt toegevoegd, op te lossen, te verdunnen, te dispergeren of op een andere wijze fysisch te wijzigen zonder de functie ervan te veranderen (en zonder zelf enig technologisch effect uit te oefenen), teneinde de verwerking, de toepassing of het gebruik van de stof te vergemakkelijken.
 

Projectsamenvatting

Voor dranken (behalve roomlikeur) is propyleenglycol goedgekeurd tot 1000 mg/L. Om het voorkomensniveau in dranken te bepalen, heeft Sciensano een geschikte analysemethode ontwikkeld en gevalideerd voor de kwantificering van E1520 met behulp van een LC-MS/MS op basis van isotoopverdunning.

In totaal werden 182 stalen geanalyseerd, waaronder sappen, nectars, ice-teas, cola’s, sportdranken, energiedranken, gearomatiseerde melkdranken, melkanalogen en andere soorten dranken. We kochten de stalen tussen maart en mei 2020 in grote supermarkten in Brussel. Vervolgens pasten we de analysemethode toe voor de monitoring en controle van dit levensmiddelenadditief in niet-alcoholische dranken.

Om de bijdrage aan de totale blootstelling van de Belgische bevolking via de voeding in te schatten, raadpleegden we de consumptiedatabank (gebaseerd op de nationale enquête van 2014) en de E1520-niveaus gerapporteerd in het EFSA-advies (2018).
 

Resultaten

  • E1520 werd aangetroffen in 66% van de stalen met concentraties gaande van 2,8 mg/L tot 3420 mg/L. Interessant is dat 26% van de stalen gehaltes bevatte die onder het maximaal toegelaten niveau van 1000 mg/L lagen, maar boven het niveau van 300 mg/L dat door de industrie aan EFSA als typisch gebruiksniveau in dranken wordt gerapporteerd. 
  • Uit het huidige onderzoek bleek ook dat 5 van de 182 stalen boven het maximaal toegelaten niveau van 1000 mg/L zaten.
  • Uitgaande van de maximaal gemeten concentraties van E1520 in frisdranken („brand-loyal scenario”), resulteerde dit in een gemiddelde geschatte blootstelling variërend van 3,3 mg/kg lichaamsgewicht/dag bij volwassenen, 6,3 mg/kg lichaamsgewicht /dag bij adolescenten en 8,5 mg/kg lichaamsgewicht /dag bij kinderen en peuters.
  • In uitzonderlijke gevallen (99e percentiel) kunnen kinderen worden blootgesteld aan E1520-concentraties boven de aanvaardbare dagelijkse inname (ADI) van 25 mg/kg lichaamsgewicht/dag
     

Geassocieerde gezondheidsonderwerpen

QR code

QR code for this page URL